Lies aan het werk met de geimproviseerde apotheek. Foto: Lies Schorreels
Van 17 september tot 3 oktober heeft Lies Schorreels uit Leest zich ingezet om medische hulp te bieden aan de mensen van Haïti. Samen met 2 dokters vertrok Lies op 17 september naar Haïti. Na de orkanen, Gustav, Hannah en Ike was het land grotendeels ontredderd en waren velen overgeleverd aan buitenlandse hulp voor voedsel en verzorging. Terug in België doet Lies haar verhaal.
'Momenteel studeer ik nog: mijn 3e jaar criminologie is net begonnen. Eerder studeerde ik verpleegkunde en ik wou absoluut iets doen met mijn diploma. Daarom volgde ik de training voor medisch vrijwilliger van Humedica. De tijd tussen de training en het moment waarop ik dan ook effectief vertrok heb ik echt nodig gehad. Ik stond 100% achter het idee, maar je moet je erop voorbereiden dat het moeilijk zal worden, zowel emotioneel als fysiek en misschien ook in sommige opzichten gevaarlijk. Ik heb de ondersteuning die Humedica ginder bood als zeer positief ervaren. De hoofdbezigheid van de lokale medewerkers was voedselbedeling in de regio, maar de eerste dagen gingen zij ook mee op missie, als tolk en gids. ’s Avonds na een missie kwamen ze altijd met ons praten om te kijken of je het wel aankon, of er zich geen grote problemen hadden voorgedaan met de plaatselijke bevolking, en hielpen met de planning en organisatie. Dat gaf me het gevoel dat ik het wel aankon.'
Lies aan het werk met de geimproviseerde apotheek. Foto: Lies Schorreels
'Er waren verschillende organisaties aan het werk in Haïti. De Verenigde Naties voor veiligheidsredenen, Artsen Zonder Grenzen, Het Rode Kruis, Youth with a Mission, … en Humedica natuurlijk. Ieder bracht zijn materiaal aan en kreeg een regio toevertrouwd waarin je verantwoordelijk was voor bepaalde hulp. Wij moesten sectie 5 van medische hulp voorzien. Planning en coördinatie, ook tussen de verschillende organisaties onderling, was dus van het grootste belang. Een dag kon bijvoorbeeld beginnen met een vergadering in het lokale gezondheidscentrum, samen met de lokale dokter, verpleegsters en wat dokters uit nabijgelegen dorpen die dringend hulp nodig hadden. Dan maakten we onze planning hoe we de hulp konden organiseren en hoe daar te geraken. Sommige dorpen stonden nog onder water en dan moesten we een boot zien te vinden. Omdat het Rode Kruis een 4x4 wagen had, kregen zij de regio die het moeilijkst bereikbaar was. Alhoewel ik vond dat onze bestemmingen best ook moeilijk bereikbaar waren: de wegen waren zeer hobbelig en dus pijnlijk voor de rug, en regelmatig moesten we stoppen om de weg vrij te maken. Ik heb met palen en balken gezeuld, diepe putten gedempt en vaak passeerden we heel smalle bruggetjes.'
'Omdat de mensen in de dorpen vaak enkel Creools spraken werkten we met tolken die vertaalden van en naar het Frans. Hun werk was van onschatbare waarde om de mensen uit te leggen hoe bepaalde geneesmiddelen te gebruiken, en om de gemoederen te bedaren wanneer er onrust uitbrak onder de wachtenden. Omdat er weinig tot geen gewonden waren in Haïti was onze farmacie vooral uitgerust met geneesmiddelen tegen infecties die helaas alomtegenwoordig waren: malaria, gastritis, vaginale infecties en wormen. Onze medische kit was goed uitgerust: de meeste mensen konden we onmiddellijk helpen. Af en toe gebeurde het toch dat je iemand niet kon helpen omdat een bepaalde medicatie niet aanwezig was. We probeerden hen dan door te verwijzen naar het ziekenhuis in St.-Marc in de hoop dat het hen wel zou lukken om de reis te ondernemen.'
'Wat me het meest trof in positieve zin was de hulpvaardigheid onder de mensen en de manier waarop we in de dorpen hartelijk werden ontvangen. We verzorgden 100 à 200 mensen per dag, afhankelijk van de bereikbaarheid van de bestemming. Soms kwamen we pas tegen de middag aan en de omstandigheden waren vaak erg moeilijk: door de wateroverlast was het steeds improviseren om de post georganiseerd te krijgen en bovendien was het er erg heet. Ondanks dit alles was de lokale bevolking heel solidair met ons en met elkaar. Ook was ik relatief veilig in Haïti. ’s Nachts is het sowieso niet aangewezen om rond te lopen omdat de wegen er erg slecht zijn, maar ik heb me nooit onveilig gevoeld.'
'Minder positief was het wanneer we de hulppost niet georganiseerd kregen, de mensen het gevoel hadden dat het niet vooruit ging, dat ze te weinig medicatie kregen of smeekten om hulp en voedsel. Door de slechte bereikbaarheid van de dorpen hadden we maar een beperkte tijd om mensen te behandelen, en in elk geval moesten we voor donker terugkeren, ook al was niet iedereen behandeld. Het was zo mogelijk nog moeilijker wanneer je onderweg naar een post door dorpen kwam waar duidelijk voedseltekort was. Dan wou je stoppen om iets van je lunchpakket te delen. Maar je moest voort, je had je eigen lunchpakket nodig om een zware werkdag door te komen. Dat was heel moeilijk.'
'Weggaan in Haïti was ook moeilijk, hoewel ik gerustgesteld was door het feit dat een andere ploeg het werk overnam. Omdat ik al die tijd met de farmacie had gewerkt had ik geprobeerd ze te optimaliseren: ik had instructies achtergelaten voor de volgende ploeg, nuttige tips die het werk makkelijker zou maken.'
'Met dit vrijwilligersproject van Humedica heb ik echt het gevoel dat ik iets nuttig heb gedaan. Mocht dit nodig zijn zou ik opnieuw vertrekken, naar Haïti of elders, mijn diploma verpleegkunde komt heus nog wel van pas.'